Versie 1.0 (kortverhaal)

Gepubliceerd op 29 december 2018 om 23:09

Ze keek naar de reflectie van haar spiegelbeeld in het water.
Ze had zich verschanst aan de oever van een groot meer. De omgeving stond in schril contrast met haar gemoedstoestand. Hier zou hij haar niet vinden. Ze hadden ruzie gemaakt. Alweer. Ze maakten altijd ruzie. Altijd moest alles op zijn manier. Ze had het helemaal gehad.
‘Keer terug,’ bulderde een stem van boven haar.
Ze zuchtte. Uiteraard had hij haar wel gevonden. Hij wist altijd waar ze was, hoe goed ze zich ook verstopte. Ook zijn tirannie was ze meer dan beu. Vader koos altijd zijn kant, nooit de hare.
‘Nee,’ zei ze vastberaden. ‘Heb ik geen zin in.’
‘Durf jij mij tegen te spreken?’ donderde de stem nu nog luider. ‘Denk goed na, voor je de grootste vergissing van je leven begaat. Of je luistert en keert onmiddellijk terug…’
‘Of wat?’ glimlachte ze uitdagend.
Ze had genoeg van zijn dreigementen. Niets kon erger zijn dan het leven dat ze nu leidde.
‘Of je blijft voor eeuwig alleen. Op een vreselijke plek.’
‘Dit is al een vreselijke plek. En liever alleen dan nog een seconde in zijn gezelschap te moeten vertoeven.’
‘Je hebt het zelf gewild,’ besloot de stem zonder medelijden.
Nu bevond ze zich hier, starend naar de gesloten poort. Haar rode haren wapperden strijdvaardig in de wind. In de verte ontwaarde ze haar voormalige levensgezel.
Toen zag ze haar. Het wezen dat gelukzalig glimlachend haar plaats innam.
Ze kende het gevoel nog niet dat diep in haar binnenste oplaaide.
Het was de eerste keer dat Lilith het voelde, maar zeker niet de laatste.


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.